Zindelijk maken van uw pup

(2 stemmen)

Het is belangrijk om goed naar de pup te kijken. Duidelijke signalen geven aan dat de pup moet plassen of poepen. De pup wordt dan wat onrustig en gaat op een bepaalde plaats rondjes draaien en snuffelen. Als dit wordt gesignaleerd, kunt u ervan uit gaan dat de pup naar buiten moet. Daarnaast zijn er enkele vaste momenten waarop de pup altijd naar buiten moet: nadat hij heeft geslapen, heeft gegeten of nadat hij een tijdje heeft gespeeld.
Mocht de pup toch binnen geplast of gepoept hebben, straf de pup dan niet. Een pup beseft niet dat hij iets ‘fout’ doet. De hond zal het verband met het binnen plassen of poepen niet leggen en begrijpt dus niet waarom hij ineens gestraft wordt.
Ga bij het uitlaten van de pup steeds naar hetzelfde plekje toe. Hier blijft u net zo lang totdat de hond zijn behoefte heeft gedaan, daarna beloont u hem enthousiast en maakt eventueel nog een wandeling. Wandel nooit te lang met een pup. Houd hiervoor ongeveer 5 minuten per keer per levensmaand voor aan. Als u steeds naar hetzelfde plekje toe gaat, wordt dat voor de pup zeer herkenbaar en leert hij sneller om zijn behoefte buiten doen.

Houd er wel rekening mee dat de spieren om het plassen op te houden pas met gemiddeld 16 weken sterk genoeg zijn. Een jonge pup kán het dus echt nog niet zo lang ophouden, al zou hij het nog zo graag willen!

Meer in deze categorie: Benchtraining »
Plaats reactie

Beveiligingscode
Vernieuwen

Banner
Banner